maandag 10 oktober 2011

Tom

Uiteindelijk na langs het mortuarium langs te zijn geweest ging ik snel met Rider mijn motor halen. Vervolgens naar huis. Douchen. Opnieuw in dat stijve pak en dan maar op de ouderwetse manier getuigen zoeken namelijk langs de buren. Rider nam het ene huis en ging die kant van de weg langs en ik nam de overburen en die kant van de straat. De vrouw tegenover vertelde me dat deze jonge vrouw rond eind twintig niet vaak buiten kwam en al helemaal niet naar buurtfeestjes ging en dat ze daarom ook niet zo geliefd was. Wat ik raar vond. Als je er niet bent hoe kunnen mensen je dan niet aardig vinden maar ik nam gewoon de aantekeningen en gaf mijn eigen mening er niet aan. Ik bedankte haar en liep het huis uit. Zo die vrouw was wel van mijn leeftijd geweest maar toen we haar in het mortuarium zagen leek ze er uit te zien alsof het niet raar was dat ze was overleden ondanks het feit dat ze was vermoord. Maar zo ging ik verder en ik kreeg een beetje het zelfde antwoord. Ze zonderde zich af. Hoewel sommige mensen vertelden dat ze wel aardig was en dat ze zich vooral inzette voor goede doelen en de kinderen hielp met oversteken en dat soort dingen. Uiteindelijk liep ik de trap op van een van de wat oudere huizen in deze straat. Het leek me een geweldig huis om van binnen te bekijken. Eens wat anders dan mijn kleine lelijke apartementje. Het was een mooi ouderwets ding dus en toen ik aanbelde bekeek ik geïnteresseerd het glas-in-lood raam. Als ik me goed herinner stond dit ding er al toen ik hier nog woonde. Jaren geleden. Nou ja jaren. Ik had hier een jaar gestudeerd? Toen ben ik over gestapt naar de school in New York. Dat kon zo geregeld worden en die school stond beter aangegeven. Allemaal geregeld dus. En opzich had ik San Francisco niet echt gemist. Niet dat ik het erg vond om terug te zijn New York was gewoon niet te vergelijken met San Francisco. Er werd maar niet open gedaan. Maar toen ik net nog een keer op de bel had gedrukt hoorde ik een licht geïrriteerde stem. 'Jaja!' Nou wie weet kwam ik niet gelegen. Als ik maar niets kreeg van iemand in een handdoek of zo. Was ook zo ongemakkelijk. Een jonge vrouw opende de deur en haar gezicht kwam me bekend voor. Maar opeens begon er een lampje te branden. Een heel duidelijk beeld van deze vrouw van jaren geleden verscheen voor me. 'Payton Halliwell?'

Geen opmerkingen:

Een reactie posten